naar hartenlust
التعريفات والمعاني
== Néerlandais ==
=== Étymologie ===
Composé de naar et hartenlust.
=== Locution adverbiale ===
naar hartenlust
À profusion. à cœur joie, à bouche que veux-tu.
Hij kon buiten naar hartenlust jagen en vissen.
À la campagne, il pouvait chasser et pêcher à cœur joie.
==== Synonymes ====
à cœur joie
naar believen
naar goeddunken
à profusion
in overvloed
in ruime mate
volop
vrijuit
==== Antonymes ====
à cœur joie
met tegenzin
à profusion
beperkt
nauwelijks
schaars
==== Vocabulaire apparenté par le sens ====
à cœur joie
onbekommerd
onbelemmerd
ongeremd
zich uitleven
zijn gang gaan
à profusion
overvloedig
ruim baan
==== Anciennes orthographes ====
naar hartelust