bijzitten

التعريفات والمعاني

== Dutch == === Etymology === Compound of bij +‎ zitten. === Pronunciation === IPA(key): /ˈbɛi̯ˌzɪ.tə(n)/ Hyphenation: bij‧zit‧ten === Verb === bijzitten (intransitive) to sit along, to sit nearby 1617 April, Willem Crijnsze, in Hendrik de Jager, "Verweerschrift van den Contra-Remonstrantschen predikant Willem Crijnsze, door de Brielsche regeering afgezet en verbannen.", in Bijdragen en Mededeelingen van het Historisch Genootschap, vol. 17, published in 1897, page 212. (transitive) to attend 1617 April, Willem Crijnsze, in Hendrik de Jager, "Verweerschrift van den Contra-Remonstrantschen predikant Willem Crijnsze, door de Brielsche regeering afgezet en verbannen.", in Bijdragen en Mededeelingen van het Historisch Genootschap, vol. 17, published in 1897, page 212. Dese besoigne dan op den 27n Septembris anno 1616 by de handt genomen sijnde, so is by Willem Crijnsse gevraecht, in wat qualiteyt hy der vergaderinge bysitten soude? (intransitive, obsolete) to be a concubine ==== Usage notes ==== The sense “to sit along/nearby” now mainly appears in the active participle bijzittend. The sense “to attend” is now chiefly used with meetings or assemblies as the object. Otherwise this verb has been replaced by zitten with erbij or bij respectively. ==== Conjugation ==== ==== Derived terms ==== bijzit bijzitster bijzitter bijzitting === Noun === bijzitten plural of bijzit