beslapen

التعريفات والمعاني

== Dutch == === Etymology === From Middle Dutch beslâpen. Equivalent to be- +‎ slapen. === Pronunciation === IPA(key): /bəˈslaː.pə(n)/ Hyphenation: be‧sla‧pen Rhymes: -aːpən === Verb === beslapen (transitive, chiefly with women as direct object) to sleep with, to have sex with, to bed 1794, Joseph Claude Rougemont, "Verhandeling over de gevolgen der beet van dolle dieren; over de watervrees en hare onderscheine zoorten" (tr. of vol. IX, part 1), in Verhandelingen van het Provinciaal Utrechtsch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen, vol. IX, part 2, publ. by J. de Waal, Sz., page 87. (transitive) to sleep on (an object, e.g. a bed) (reflexive) to sleep on (a subject or matter, to think it through) ==== Conjugation ==== ==== Derived terms ==== onbeslapen