aanliggen

التعريفات والمعاني

== Dutch == === Etymology === From Middle Dutch aenliggen. Equivalent to aan +‎ liggen. Compare German anliegen. === Pronunciation === IPA(key): /ˈaːnˌlɪɣə(n)/ Hyphenation: aan‧lig‧gen === Verb === aanliggen (intransitive) to lie or stand against something else De groene blaadjes die tegen deze bloemhoofdjes aanliggen zijn dan ook geen kelkbladen maar omwindselblaadjes. — The green leaves that lie against these flower heads are therefore not calyx leaves but involucre leaves. (intransitive, navigation) to be on course ==== Conjugation ==== === Anagrams === liggen aan